Vakantie plannen: de sport waar niemand om gevraagd heeft

Bijna vakantie

"Heb je al gekeken naar de meivakantie?"

Mijn partner gooit de vraag er casual doorheen, ergens tussen het opruimen van de vaatwasser en het zoeken naar een schone broek voor morgen. Alsof het een simpele vraag is. Alsof "even kijken" iets is wat je in tien minuten doet.

Ik glimlach. Want natuurlijk heb ik gekeken. Ik heb 140 tabs open staan. Ik heb reviews gelezen. Prijzen vergeleken. Vluchttijden geanalyseerd. Kindvriendelijkheid gescoord op een schaal van "zwembad met glijbaan" tot "all-inclusive met kinderclub EN avondanimatie". Ik heb zelfs al een Excel gemaakt.

Want dit is wat ik doe. Ik geniet hiervan. Echt waar. Tot ik het niet meer doe.

Het begint altijd onschuldig

"Zullen we dit jaar eens iets leuks doen?"

Ja. Natuurlijk. Absoluut. Want we moeten wel. Iedereen gaat weg. De buren gaan naar Spanje. Collega's boeken al voor de zomer. En de kinderen? Die vragen al weken: "Gaan we nog ergens heen?"

Dus ik open Booking.com. Of Airbnb. Of Centerparcs. Of die ene obscure site die iemand in een Facebook-groep heeft aangeraden. En ik begin te zoeken.

En te zoeken.
En te zoeken.

Voordat ik het weet zit ik drie uur later nog steeds te scrollen. Ik heb 47 opties in mijn favorieten. Ik heb een notitie gemaakt met "voor- en nadelen". Ik heb Google Maps erbij gepakt om te checken hoe ver het naar de supermarkt is. Want stel dat we zelf willen koken. Of juist niet. Maar dan moeten er wel restaurants in de buurt zijn. Maar niet te toeristisch. Maar ook niet te afgelegen.

Ik ben niet eens begonnen met boeken. Ik ben nog in de oriëntatiefase. En ik ben al moe.

De wiskunde van "goedkoop weekendje weg"

Want hier is het ding: die weekendjes weg? Die "goedkope tripjes"? Die kosten me meer dan geld.

Laten we even rekenen. Stel, ik besteed gemiddeld 3 uur aan het plannen van één weekendje. Eigenlijk meer. Want na die eerste 3 uur kom ik er nog 5 keer op terug. "Is dit wel de beste deal?" "Moeten we niet toch die andere plek boeken?" "Wacht, er is een nieuwe review bijgekomen met 2 sterren, laat ik die even lezen."

Zeg 10 uur per trip. Keer 30 trips per jaar. Dat is 300 uur. 300 uur van mijn leven die ik besteed aan het plannen van ontspanning.

En dan de ironie: die "goedkope" weekendjes kosten me uiteindelijk een rib uit mijn lijf. Want goedkoop betekent: zelf regelen. Zelf boeken. Zelf uitzoeken waar het parkeerterrein is. Zelf bedenken wat we gaan eten. Zelf entertainment voor de kinderen verzinnen als het regent. En het regent altijd.

Maar ik doe het. Keer op keer. Want iedereen doet het. En ik wil niet achterblijven. Ik wil meedoen. Ik wil ook kunnen zeggen: "Ja hoor, wij gaan lekker weg."

Het verlangen naar de perfecte vakantie

Diep van binnen wil ik die vakantie waar de kinderen het écht leuk hebben. Waar ze achteraf over praten. Waar ze bij terugdenken als ze volwassen zijn en zeggen: "Weet je nog, die keer dat we..."

Ik scroll door vakantiefoto's van anderen. Kinderen die lachend in een zwembad springen. Gezinnen die samen een ijsje eten in de zon. Partners die hand in hand over het strand lopen terwijl de kinderen vrolijk zandkastelen bouwen.

En ik denk: dat wil ik ook.

Dus ik boek. Ik kies iets wat perfect lijkt. Kindvriendelijk. Niet te ver. Niet te duur (behalve dan die 300 uur van mijn leven). Met een zwembad. En een speeltuin. En hopelijk WiFi, want laten we realistisch blijven.

De bagatellisering begint

"Het wordt vast superleuk," zeg ik tegen mezelf.
"De kinderen gaan dit geweldig vinden," zeg ik tegen mijn partner.
"We gaan echt even ontspannen," lieg ik tegen iedereen die het wil horen.

Want diep van binnen weet ik het al. Het wordt niet zoals op die foto's. Het wordt geen Instagram-moment. Maar dat geeft niet. Toch? Het gaat om samen zijn. Om quality time. Om herinneringen maken.

Ik praat mezelf goed. Ik bagatelliseer. "Ach, ook al regent het, dan doen we een spelletje. Of we gaan naar een museum. Kinderen vinden musea leuk, toch?"

Nee. Kinderen vinden musea niet leuk. Maar oké.

De realiteit: lang gezicht, alleen aan tafel

En dan zijn we er. De vakantie. Die ik 10 uur van mijn leven heb besteed om te plannen. Die me een vermogen heeft gekost aan "goedkope deals". Die perfect zou zijn.

We komen aan. De kinderen zijn moe. Of hongerig. Of allebei. Ze beginnen te zeuren. Eén wil naar het zwembad, de ander wil blijven waar ie is. Iemand moet naar de wc. Iemand heeft zijn knuffel thuis laten liggen.

En dan, het hoogtepunt: het restaurant. We hadden gereserveerd. Een leuke tent. Gezellig. Romantisch, zelfs. Ik had me erop verheugd. Eindelijk even samen.

Maar één kind moet naar de wc. De ander wil niet zitten. Er is geen kinderstoel. Of juist wel, maar niet de goede. En dan komt het eten. Te heet. Te koud. "Ik lust dit niet."

Mijn partner staat op. "Ik loop wel even een rondje met de buggy." Of: "Ik ga wel kleuren met hem, jij eet maar eerst."

En daar zit ik dan. Alleen aan tafel. Met mijn bord. En mijn glas wijn die ik te snel opdrink. Met een lang gezicht.

Ik kijk om me heen. Andere stelletjes praten. Lachen. Genieten.

En ik? Ik zit te wachten tot het voorbij is.

De post-vakantie werkelijkheid

We komen thuis. Uitgeput. Twee koffers vol vieze was. Een kind dat ziek is geworden. Een bankrekening die me beschuldigend aankijkt.

"Was het leuk?" vraagt iemand.

"Ja hoor," zeg ik. "Superleuk."

Want wat moet ik anders zeggen? Dat ik 10 uur heb besteed aan het plannen van een weekend waar ik me vooral gestrest voelde? Dat die "goedkope" deal uiteindelijk duurder was dan een all-inclusive resort? Dat ik me afvraag waarom ik dit doe?

Nee. Ik post een foto. Van dat ene moment dat het wel leuk was. Van die 10 minuten dat iedereen lachte. En ik schrijf eronder: "Heerlijk weekendje weg gehad ❤️"

En ik geloof het bijna zelf.

Waarom doen we dit?

Omdat we mee willen doen. Omdat iedereen het doet. Omdat het hoort. Omdat we ons schuldig voelen als we niet weggaan. Omdat we denken dat een goede ouder, een goed gezin, een goed leven eruitziet als iets wat je kunt instagrammen.

Omdat we niet kunnen accepteren dat soms, gewoon thuis zijn, ook oké is.

Maar vooral: omdat we hopen. Dat het de volgende keer beter is. Dat het de volgende keer wél die magische vakantie wordt. Dat het de moeite waard is.

En dus open ik weer Booking.com.
En ik scroll.
En ik vergelijk.
En ik plan.

 

En mijn partner vraagt: "Heb je al gekeken naar de zomervakantie?"

Ik glimlach.

Natuurlijk heb ik gekeken.

Ik heb 140 tabs open staan.

© 2026 Even met Eva, Powered by Shopify

  • Apple Pay
  • Google Pay
  • iDEAL Wero
  • Maestro
  • Mastercard
  • PayPal
  • Visa